
Wijzigingswet Wet Luchtverkeer (implementatie LVB-evaluatie)
Artikel VIII
1
Indien in de Wet Luchtvaart geregelde onderwerpen in het belang van een goede invoering van die wet nadere regeling behoeven, dan wel indien de afstemming van de Wet Luchtvaart nadere regeling behoeft, kan deze geschieden bij ministeriële regeling van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat respectievelijk van Onze minister van Defensie.
2
Bij de in het eerste lid bedoelde regeling kan, indien dit voor de goede invoering of voor de afstemming noodzakelijk is, tijdelijk worden afgeweken van de Wet Luchtvaart of van de Luchtvaartwet, dan wel van een op een van beide wetten steunende algemene maatregel van bestuur. Zo spoedig mogelijk na de publicatie in de Staatscourant van een ministeriële regeling als bedoeld in de eerste volzin wordt een voorstel van wet ingediend respectievelijk een ontwerp van een algemene maatregel van bestuur bij de Raad van State aanhangig gemaakt.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.